|
1
De omsingeling belemmert
het zicht op wat komen gaat.
Haasten naar de opening waar
het licht in kleine vlekken
-spotlights- in smaragd verschijnt.
Over ongebaande wegen
weer een milde schemering.
Verder, verder en omhoog
in een poging te bereiken
waar de grond de hemel vindt
en de wereld roerloos wacht
-ontstegen-
|
2
Licht slaat op de aarde
zoals decennia geleden
twee zusters hand in hand
met kwade blikken
de grond in stukken sloegen.
Onpeilbaar ravijn nooit,
nooit meer bijeen te voegen
het martelend licht
de schimmige diepten.
Hemel en hel laaien
oorverdovend om de aarde
-in hulpgeroep-
|
3
Onbarmhartig in het zenith
wentelt een verzengende gloed.
Langzaam luiken zij haar ogen
en haar handen spreiden zich,
overschaduwen de wereld.
Duisternis neemt haar bezit
vlak en rustig, ondoordringbaar
vlijt zij zich met koele adem,
hult de pijn in zachte vleugels
laat de liefde niet meer toe
slechts geluiden dringen door
-als decor-
|